Een veiligheidspictogram is een grafisch symbool dat een veiligheidsboodschap zonder lange tekst herkenbaar maakt. De vorm en kleur geven het type boodschap aan; het symbool vertelt wat er precies geldt. ISO 7010 bevat geregistreerde veiligheidstekens voor onder meer verbod, waarschuwing, gebod, redding en brandbestrijding. Voor chemische stoffen, vervoer, scheepvaart, machines en leidingmarkering gelden soms andere regels en markeringssystemen. Op deze pagina leest u welke soorten er zijn en hoe u een passend pictogram kiest.
Betekenis van veiligheidspictogrammen
Veiligheidspictogrammen zijn grafische symbolen die een veiligheidsboodschap zichtbaar maken. Ze helpen medewerkers, bezoekers en hulpdiensten om snel te herkennen wat niet mag, welk gedrag verplicht is, waar een gevaar aanwezig is of waar een veiligheidsvoorziening of vluchtroute te vinden is.
Een pictogram is het symbool zelf. Een volledig veiligheidsteken bestaat daarnaast uit een vaste geometrische vorm en veiligheidskleur. Een rode cirkel duidt bijvoorbeeld op een verbod en een gele driehoek op een waarschuwing. Aanvullende tekst kan de boodschap verduidelijken, maar verandert het symbool niet.
Signalering ondersteunt technische en organisatorische veiligheidsmaatregelen. Een bord neemt een risico niet weg en vervangt geen afscherming, instructie, onderhoud of persoonlijke beschermingsmiddelen.
De vijf soorten veiligheidstekens
Veiligheidstekens volgens ISO 7010 zijn herkenbaar aan vaste combinaties van vorm en kleur. Het afgebeelde symbool maakt de specifieke boodschap duidelijk.
Verbod
Ronde vorm met een rode rand en diagonale streep. Geeft aan welke handeling niet is toegestaan, zoals roken, open vuur of toegang voor onbevoegden.
Bekijk verbodspictogrammen
Waarschuwing
Gele driehoek met een zwarte rand. Waarschuwt voor een risico of gevaar, zoals elektrische spanning, een heet oppervlak of intern transport.
Bekijk waarschuwingspictogrammen
Gebod
Blauwe cirkel. Geeft aan welke handeling of bescherming verplicht is, bijvoorbeeld het dragen van oog-, gehoor- of hoofdbescherming.
Bekijk gebodspictogrammen
Redding en evacuatie
Groen vierkant of rechthoek. Wijst de weg naar onder meer nooduitgangen, eerste hulp, AED, nooddouches en verzamelplaatsen.
Bekijk EHBO- en BHV-pictogrammen Bekijk vluchtwegaanduiding
Brandbestrijding
Rood vierkant of rechthoek. Geeft de plaats van brandbestrijdingsmiddelen aan, zoals een brandblusser, brandslanghaspel of handbrandmelder.
Bekijk brandbestrijdingspictogrammenRegels en normen voor veiligheidspictogrammen
Wetgeving bepaalt vooral wanneer veiligheids- en gezondheidssignalering nodig is. Binnen de Europese Unie vormt Richtlijn 92/58/EEG hiervoor het minimumkader. Een werkgever gebruikt signalering waar risico's niet voldoende kunnen worden voorkomen of beperkt met collectieve technische maatregelen of maatregelen in de organisatie van het werk.
Normen helpen bij de uitvoering. ISO 3864 beschrijft ontwerpprincipes voor veiligheidskleuren en veiligheidstekens. ISO 7010 bevat geregistreerde veiligheidstekens met een vaste betekenis. Welke wettelijke regels en nationale aanvullingen gelden, hangt af van het land, de locatie en de toepassing.
Voor arbeidsplaatsen in Nederland is de Nederlandse arboregelgeving relevant. NEN 3011 beschrijft de Nederlandse toepassing en aanvullende veiligheidstekens. Voor arbeidsplaatsen in een ander land kunnen andere wetten en nationale aanvullingen gelden.
Andere pictogram- en markeringssystemen
Niet ieder gevarensymbool of label is een veiligheidsteken uit ISO 7010. Voor verschillende toepassingen bestaan afzonderlijke regels en normen. Gebruik deze systemen niet zonder controle door elkaar.
GHS en CLP voor chemische producten
GHS is het internationale systeem voor de indeling en etikettering van chemische stoffen en mengsels. In de Europese Unie wordt dit toegepast via de CLP-verordening. De ruitvormige symbolen staan onder meer op verpakkingen en etiketten van gevaarlijke chemische producten.
Bekijk GHS- en CLP-gevarenpictogrammen
Gevaarsetiketten voor vervoer
Voor het vervoer van gevaarlijke goederen gelden onder meer ADR voor de weg, RID voor het spoor, ADN voor binnenwateren, IMDG voor zeevaart en de regels voor luchtvervoer. De juiste klasse, afmeting en uitvoering hangen af van de stof, verpakking en vervoerswijze.
Bekijk gevaarsetiketten voor vervoer
IMO-symbolen voor scheepvaart
Op schepen gelden specifieke afspraken voor onder meer brandbestrijding, reddingsmiddelen en vluchtwegaanduiding. Controleer voor maritieme toepassingen welke IMO- en scheepvaartregels op het schip van toepassing zijn.
Bekijk IMO-brandpictogrammen Bekijk IMO-evacuatiepictogrammen
Leidingmarkering
Leidingmarkering maakt de inhoud en waar nodig de stroomrichting en risico's herkenbaar. Ook een leiding met bijvoorbeeld water krijgt leidingmarkering, maar geen GHS-symbool wanneer de inhoud geen gevaarlijke chemische stof of gevaarlijk mengsel is. Bij een gevaarlijke chemische inhoud kunnen relevante GHS/CLP-pictogrammen onderdeel zijn van de volledige leidingmarkering.
Bekijk leidingmarkering
Machines, producten en veiligheidslabels
Op machines en producten kunnen veiligheidstekens, waarschuwingslabels, instructielabels en keuringslabels naast elkaar voorkomen. De toepasselijke product- en machinerichtlijnen of -verordeningen bepalen welke informatie nodig is. Plaats een waarschuwing zo dat de gebruiker deze vóór de risicovolle handeling ziet.
Bekijk machinemarkering Bekijk labels en tagsHet juiste veiligheidspictogram kiezen
Kies niet alleen op afbeelding. Doorloop eerst de situatie en controleer daarna de uitvoering.
- Bepaal de boodschap. Gaat het om een verbod, waarschuwing, gebod, vluchtroute, hulpvoorziening of brandbestrijdingsmiddel?
- Controleer de toepasselijke regels. Houd rekening met het land, de branche, de locatie en eventuele specifieke regels voor stoffen, vervoer, machines of scheepvaart.
- Kies een herkenbaar symbool. Gebruik waar passend een geregistreerd ISO 7010-teken en voorkom zelfbedachte varianten.
- Beoordeel de omgeving. Let op binnen- of buitengebruik, licht, vocht, vuil, temperatuur, ondergrond en mogelijke beschadiging.
- Bepaal formaat en zichtlijn. Het teken moet vanaf de benodigde kijkafstand tijdig herkenbaar zijn en mag niet achter deuren, machines of stellingen verdwijnen.
- Kies de bevestiging. Gebruik afhankelijk van de situatie een sticker, vlak bord, haaks bord, panoramabord of een uitvoering met mechanische bevestiging.
Uitvoering, formaat en plaatsing
Stickers zijn geschikt voor een vlakke, schone en passende ondergrond. Vlakke borden zijn bruikbaar wanneer iemand het teken recht van voren benadert. In gangen, magazijnen en grote ruimtes kunnen haakse of panoramische borden de herkenning vanuit meerdere richtingen verbeteren.
Er bestaat geen universele montagehoogte die voor ieder pictogram en iedere ruimte goed is. Plaats het teken op een logische beslisplek, zo dicht mogelijk bij de voorziening of het risico en binnen de normale zichtlijn. Controleer obstakels, kijkhoek, verlichting en de richting waaruit mensen naderen.
De benodigde pictogramhoogte hangt samen met de kijkafstand en de omstandigheden. Raadpleeg voor de rekenmethode, lichtsituatie en praktische maattabel het artikel Hoe groot moet een pictogram zijn?. Kies bij twijfel niet uitsluitend op een theoretische afstand, maar controleer het bord ook in de werkelijke ruimte.
Fotoluminescerende veiligheidspictogrammen
Fotoluminescerend materiaal neemt licht op en geeft dit in het donker geleidelijk weer af. De nagloeitijd en helderheid hangen onder meer af van het gebruikte materiaal, de voorafgaande belichting en de omstandigheden. Een algemene claim over een vast aantal zichtbare uren geldt daarom niet voor iedere uitvoering.
Fotoluminescerende pictogrammen en routemarkering kunnen onderdeel zijn van een vluchtweg- of brandveiligheidsplan. Ze vervangen niet automatisch de vereiste noodverlichting. Controleer altijd welke regels voor het gebouw en de toepassing gelden. Bekijk ook de fotoluminescerende vluchtwegaanduiding en fotoluminescerende brandpictogrammen.
Controle en onderhoud
Loop de signalering periodiek na en controleer deze opnieuw na een verbouwing, gewijzigde inrichting of verandering van risico's.
- Is de boodschap nog correct voor de actuele situatie?
- Is het teken schoon, leesbaar en onbeschadigd?
- Is het pictogram vanuit de relevante richting tijdig zichtbaar?
- Wordt het zicht niet geblokkeerd door deuren, voorraad, voertuigen of installaties?
- Zijn routes, voorzieningen en bijbehorende pijlen nog logisch en consistent?
- Sluit de signalering aan op de instructies en het veiligheids- of ontruimingsplan?
Bronnen en verdere uitleg
Deze uitleg is gebaseerd op de algemene relatie tussen Europese regelgeving, ISO-normen en nationale toepassing. De precieze verplichtingen hangen af van land, locatie en gebruikssituatie.
- ISO – ISO 7010: Graphical symbols, safety colours and safety signs
- ISO – ISO 3864-1: Design principles for safety signs and safety markings
- EUR-Lex – Richtlijn 92/58/EEG over veiligheidssignalering op het werk
- Uitleg over Europese Richtlijn 92/58/EEG
Inhoudelijk gecontroleerd: 12 oktober 2026. Controleer bij een concrete veiligheidsvraag altijd de actuele regels voor uw land en toepassing.
Hulp nodig bij uw keuze?
Vertel ons waar u het pictogram wilt plaatsen, vanaf welke afstand het zichtbaar moet zijn en aan welke omstandigheden het wordt blootgesteld. Dan helpen we u een passende uitvoering te kiezen.