Mag ik zelf bepalen waar ik verbodsborden plaats?

Op eigen terrein en binnen gebouwen mag je in de meeste gevallen zelf bepalen waar je verbodsborden plaatst. Dit geldt voor bedrijven, instellingen en particuliere locaties waar je verantwoordelijk bent voor veiligheid en duidelijke regels.

Verbodsborden maken onderdeel uit van veiligheidssignalering en worden gebruikt om risico’s te beperken en ongewenst gedrag te voorkomen. De plaatsing moet daarom logisch aansluiten op de situatie waarin het verbod geldt.

Waar moet je rekening mee houden?

Bij het bepalen van de juiste plek is het belangrijk dat het verbodsbord goed zichtbaar is vóórdat iemand het verboden gedrag kan vertonen. Denk aan toegangen, doorgangen, machines of zones met specifieke risico’s.

Ook de kijkrichting, hoogte en afstand spelen een rol. Een bord dat te laat of buiten de zichtlijn hangt, mist zijn werking en kan tot misverstanden leiden.

Wanneer gelden aanvullende regels?

In sommige situaties kunnen aanvullende regels van toepassing zijn, bijvoorbeeld vanuit arbeidsveiligheid, branchevoorschriften of interne richtlijnen. Ook bij gedeelde ruimtes of openbare toegankelijkheid is het verstandig om rekening te houden met geldende wet- en regelgeving.

Op de openbare weg gelden andere regels. Daar mogen alleen bevoegde instanties verkeersborden plaatsen. Op eigen terrein bieden verbodsborden juist de vrijheid om duidelijke afspraken zichtbaar te maken.